| Achtergrond: Campagne moet einde maken aan misbruik 1-1-2 |
| Geschreven door Laurens van Aggelen, Melding! Magazine |
| maandag 04 januari 2010 01:00 |
|
Het alarmnummer 1-1-2 wordt jaarlijks zo’n vijf miljoen keer gebeld. In maar liefst 65 procent van alle gevallen gaat het om misbruik of verkeerd gebruik. Vooral kinderen en jongeren maken zich daar schuldig aan. Een nieuwe campagne van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties moet er voor zorgen dat dit aantal flink wordt teruggedrongen.
Per mobiele telefoon wordt het meeste misbruik gemaakt van het alarmnummer. Moedwillig misbruik bedraagt 75 procent. De resterende 25 procent wordt toegeschreven aan ‘broekzakbellers’ oproepen zonder spoed, een per ongeluk verkeerd getoetst, of peuters die met een mobieltje spelen. Via vaste telefoons ligt het misbruik op ongeveer 25 procent. Deze laatste categorie was al goed te traceren, maar ook de gebruikers van mobiele telefoon, ook als zij zonder sim-kaart in hun mobiele telefoon bellen, zijn nu goed op te sporen. Misbruik zal voortaan niet ongestraft blijven. De campagne is vooral gericht op kinderen en jongeren. Zij zijn voor een fors deel verantwoordelijk voor misbruik van het alarmnummer. Bij de KLPD in Driebergen, waar alle mobiele oproepen naar 1-1-2 binnenkomen, is dat vooral tijdens woensdagmiddagen, in het weekend en tijdens schoolvakanties goed te merken. Na een wijziging in de Telecommunicatiewet providers verplicht om de gegevens van hun klanten beschikbaar te stellen, is men in Driebergen in staat om onmiddellijk na de totstandkoming van de verbinding op een kaart te zien waar de beller zich bevindt. “De nauwkeurigheid daarvan is afhankelijk van het aantal masten op die locatie. Dat zal in een grote stad bijvoorbeeld beter zijn dan op het platteland, maar het geeft in ieder geval een goede indicatie”, vertelt Ed Kraszewski van het KLPD. “Het doel hiervan is overigens niet in eerste het opsporen van bellers, maar dient primair twee doelen. Allereerst de locatieherkenning, maar ook de mogelijk om misbruik gericht te registreren. Die locatieherkenning kan ook in het belang van degene die belt zelf zijn. Zo hebben we het meegemaakt dat iemand die bij zeer dichte mist van de weg was geraakt, niet meer kon vaststellen en ons kon laten weten waar hij zich bevond. Zoals het ook wel gebeurt dat we een melding krijgen van iemand die er zo ernstig aan toe is dat hij niet meer kan laten weten waar we hem kunnen vinden. Dan is het ook in zijn belang dat we dat dan toch kunnen zien”, gaat Kraszewski verder. Maatregelen Bij de KLPD heeft men overigens ook de middelen in huis om een SMS-bom of Voicemail-bom te sturen zodat de gebruiker zijn toestel even niet kan gebruiken en het wel uit zijn hoofd zal laten om nog eens vaker te bellen zonder geldige reden. Straf “Wanneer kinderen bij ons terecht komen, gaan we drie gesprekken met ze aan”, vertelt Rik Quint, beleidsmedewerker van Halt Nederland. “In het eerste gesprek vragen we hoe het met het kind gaat en wat hem tot dit gedrag heeft gebracht. Maar ook komt aan de orde of hij of zij zich wel realiseert dat misbruik van het alarmnummer zulke grote gevolgen kan hebben. De ouders zijn bij dit gesprek aanwezig. In het tweede gesprek bespreken we een leeropdracht, waarbij we het kind bijvoorbeeld opdragen een opstel te schrijven of een tekening te maken waarin deze thematiek aan de orde komt. Tijdens dat gesprek maken we ook duidelijk hoe het kind zijn excuses moet gaan aanbieden aan de benadeelden. Dat kan aan de KLPD zijn, maar bijvoorbeeld ook aan centralisten. Gaat het om de KLPD dan hebben we afgesproken dat ze een brief schrijven. Bij centralisten laten we het kind als daar ruimte voor is, persoonlijk excuses aanbieden. Het derde gesprek dient uiteindelijk om dit alles met het kind, met of zonder ouders, nog eens te evalueren.” Werkopdrachten “Bij zwaardere vormen van misbruik waarbij bijvoorbeeld ten onrechte een stevig beroep wordt gedaan op uitrukkende hulpverleningsdiensten, komt we zelf in actie en kijken we of de daardoor geleden financiële schade niet verhaald kan worden op de dader”, aldus Kraszewski. De campagne gaat per 1 januari 2010 van start. Quint liet ons weten dat over enige tijd nader geanalyseerd zal worden wat de gesprekken met de kinderen voor bruikbare informatie opleveren. “Het is natuurlijk goed om inzicht te krijgen in de motieven van kinderen die al dan niet vaker misbruik maken van het alarmnummer.” Tags: |