| Veilige en verantwoorde brandweerzorg uitgangspunt veiligheidsregio's |
| dinsdag 19 april 2011 08:15 |
|
Het Veiligheidsberaad deelt de zorg van de brandweervakbonden over de bezuinigingen op de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDUR) en het Gemeentefonds. Bij veiligheid gaat het echter om meer dan opkomst- en aanrijdtijden en voertuigbezetting. In alle discussies over de brandweerzorg staat de veiligheid van brandweerpersoneel en burgers voor de veiligheidsregio's buiten kijf. In de afgelopen tien jaar is enorm geïnvesteerd in de brandweer in Nederland. Gemeenten en veiligheidsregio's worden nu geconfronteerd met minder geld uit de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDUR) en het Gemeentefonds. Hoewel zij daarom kritisch naar hun begroting moeten kijken, zullen de keuzes níet ten koste gaan van de veiligheid van het brandweerpersoneel en de burgers.Het Veiligheidsberaad vindt echter wel dat het niet met nog minder kan en heeft daarom meermalen bij de minister van Veiligheid en Justitie aan de bel getrokken over de bezuinigingen op de BDUR, in combinatie met lokale bezuinigingen vanwege teruglopende rijksmiddelen. Om terug te komen op de flexibele voertuigbezetting. Het Veiligheidsberaad, de NVBR en het ministerie van Veiligheid en Justitie hebben de gezamenlijke vakbonden meer dan eens uitgenodigd aan te sluiten bij de begeleidingscommissie, die alle initiatieven met een flexibele voertuigbezetting in het land nauwlettend volgt en beoordeelt. Dat hebben zij telkens geweigerd. Het is heel jammer dat de brandweervakbonden nu vanaf de zijlijn 'moord en brand schreeuwen', maar daarbij slechts een deel van het verhaal laten zien. De veiligheidsregio's en gemeenten zijn al vrij om hun voertuigbezetting zelf te regelen. De veiligheid van brandweerlieden en burgers is daarbij een harde randvoorwaarde. Als dat nodig is, vertrekt er vrijwel direct na het eerste brandweervoertuig een tweede, met volledige bezetting. En voor een aantal hulpverleningstaken is het niet nodig een bezetting van zes brandweerlieden te hebben. Voorbeelden hiervan zijn het uit een verongelukte auto knippen van een slachtoffer of een snelle verkenning bij een brand of incident in een tunnel of ondergrondse ruimte. Een flexibele voertuigbezetting biedt ook nog een ander voordeel. Als er niet gewacht hoeft te worden tot er zes manschappen in de kazerne zijn, kan het eerste hulpvoertuig zich veel sneller naar de brand of het incident spoeden. De regionalisering van de brandweerkorpsen biedt ook voordelen. Niet elke gemeente hoeft meer zelf alle kennis en expertise op brandweergebied zelf in huis te hebben, die kunnen worden gedeeld in de veiligheidsregio. Het gezamenlijk inkopen van tankautospuiten en ander materieel levert financiële voordelen op. Het met elkaar hebben over wat veilige en verantwoorde brandweerzorg is, is goed. Kreten als 'sleutelen aan het minimumniveau voor de basisbrandweerzorg' en 'prijsschieten op de brandweer' helpen daar echter niet bij. Hoewel de overheid kritisch en verantwoord moet omgaan met gemeenschapsgeld, betekent dit niet dat de veiligheid van brandweerpersoneel en burgers in gevaar zou zijn, of dat bestuurders in gemeenten en veiligheidsregio's zich daar niets aan gelegen laten liggen. |